Een nieuw begin

29 mei 2017 | 08:45

Een vertrouwd gezicht neemt afscheid van het orkest. Aan het eind van dit concertseizoen bereikt hoornist Bob Stoel de pensioensleeftijd. De laatste paar jaar als vierde hoornist en 33 jaar lang als eerste hoornist heeft hij de groei en bloei van het Rotterdams Philharmonisch sinds de jaren zeventig, met een onderbreking, helemaal meegemaakt. ‘Het is een verschrikkelijk goed orkest geworden, met een enorm hoog niveau.’

‘Alles ligt nog open,’ antwoordt Bob Stoel op de vraag wat hij gaat doen nu zijn dienstverband in het orkest ten einde loopt. Kenmerkende opmerking van de hoornist. Geen drama en geen al te vaste plannen. Hij kijkt nuchter en ontspannen aan tegen de levensfase die gaat komen, zoals alles door hem met een zekere nuchterheid wordt tegemoet getreden. Neem alleen al de manier waarop hij ‘aan de hoorn raakte’. Of hij hem les mocht geven, vroeg zijn overbuurman die hoornist was in de Koninklijke Marinierskapel. Och waarom niet, was de reactie van de zeventienjarige pianobouwer en stemmer in opleiding. Maar wat is dat eigenlijk, een hoorn? Ongeveer diezelfde tijd zeiden klanten als ze hun stemmer hoorden pianospelen: waarom probeer je het niet eens op het conservatorium? Ja, waarom niet, dacht Bob, hij deed toelatingsexamen en wilde graag hoorn als bijvak. Hij slaagde voor zijn pianotoelating. Of hij ook even een deuntje hoorn wilde spelen - hoe lang speelde hij al? Vier maanden. Hij speelde. Vergeet die piano, vond de toelatingscommissie, en kom hoorn studeren. ‘En zo is het gegaan.’