1944: De bevrijding leek dichtbij

4 september 1944

1944: De bevrijding leek dichtbij

4 september 1944 - Een nieuw concertseizoen begint. Op 4 september 1944 komt het Rotterdams Philharmonisch Orkest bijeen in een zaaltje in De Beurs voor de eerste repetitie. De stemming is best: omdat het afgelopen seizoen een financieel succes was, krijgt ieder orkestlid honderd gulden. Dat is welkom, zo'n som geld.

Het orkest is in trek. Abonnementen gaan als warme broodjes over de toonbank, bij de voorverkoopadressen kunnen verkopers vaak de drukte niet aan. Hindernissen zijn er volop, maar de maandagavondconcerten in de Koninginnekerk bieden afleiding. Ze zijn een hit, juist in oorlogstijd. Het Rotterdams Philharmonisch moet zelfs extra spelen om aan de vraag te voldoen.

Het zijn opwindende tijden. Parijs, Brussel, Antwerpen worden bevrijd. Volgt Nederland, volgt Rotterdam? Op Dolle Dinsdag, de vijfde september dat jaar, bereiken alle geruchten een climax. Nederland lijkt nu echt bevrijd, Rotterdam ook. Sommige Rotterdammers gaan zelfs voorzichtig de straat al op. De orkestleden krijgen verlof, ‘gezien de loopende geruchten.’ Op vrijdagochtend 8 september worden ze weer verwacht in de Koninginnekerk, voor de generale repetitie.

Bij dat weerzien is er van de feeststemming weinig meer over. De hoop op een snelle bevrijding is vervlogen, het land is in chaos. 's Avonds spelen blijkt niet meer mogelijk te zijn, vanwege elektriciteitsgebrek. Orkestleden hebben vaak de grootste moeite om nog op de repetities en concerten te verschijnen. Hoe langer de oorlog duurt, hoe zwaarder dat wordt. De gruweldaden die zij op straat zien, en waarover gesproken wordt, hebben ook op de gemoedstoestand invloed. Op 1 december gooit Flipse de handdoek in de ring. Voorlopig zijn er geen uitvoeringen meer. Musiceren in de hongerwinter, dat is nauwelijks een optie meer.

Rotterdams Philharmonisch Orkest in de Beurs Rotterdam 1944

Rotterdams Philharmonisch Orkest in het beursgebouw in Rotterdam (1944)

Lees meer over: 

Eduard Flipse oorlog