Op het lijf geschreven

'Als er een stuk is waarvan ik al jarenlang hoopte dat Valery Gergiev dat weer eens bij ons zou komen dirigeren, dan moet dat de Zesde symfonie van Prokofjev zijn.'

'Als er een stuk is waarvan ik al jarenlang hoopte dat Valery Gergiev dat weer eens bij ons zou komen dirigeren, dan moet dat de Zesde symfonie van Prokofjev zijn.'



Ik heb me er vaak over verbaasd dat dit stuk zo zelden wordt uitgevoerd, dat zo weinigen het op hun repertoire hebben, terwijl het zulke ongelooflijke muziek is. Een symfonie die, in mijn beleving, nog diepere lagen aanboort dan de veel bekendere Vijfde. De enige andere dirigent die het met ons speelde was de oude Kurt Sanderling. Maar het waren vooral de uitvoeringen met Gergiev die een onuitwisbare indruk op mij hebben nagelaten. Zoals bij de Proms in Londen, met een nog relatief onbekende Anna Netrebko in liederen van Moessorgski. Alweer lang geleden dus, maar er moeten nog televisiebeelden van zijn.

 

Van Prokofjev wordt wel gezegd dat hij zich achter maskers verschool, zowel in zijn leven als in zijn muziek, waarbij hij alle mogelijke gedaantes kon aannemen. Maskers die hij gebruikte in zijn Romeo en Julia, zijn Oorlog en Vrede, ja zelfs zijn Klassieke symfonie duiken hier weer op. Maar op onbewaakte ogenblikken gunt de componist ons ook een blik op de pijn diep in zijn ziel. En misschien is het citaat uit Wagners Parsifal, het speermotief, in het langzame deel wel zo’n moment. Als daar sprake is van een onderliggende boodschap heeft nog geen enkele toelichting me daar inzicht in kunnen bieden en ik heb er spijt van dat ik het Sanderling nooit heb gevraagd, want hij zal zeker bij de wereldpremière in 1947 in Leningrad betrokken zijn geweest. Misschien heeft Valery er een theorie over.

 

Wat hém tot de ideale dirigent voor deze muziek maakt is niet alleen zijn affiniteit met Russische muziek en de donkere kanten daarvan. Het is misschien meer nog zijn ervaring met al die andere stukken van Prokofjev, de balletten, de opera’s, de filmmuziek. En als die ervaring een voorwaarde is om tot een overtuigende interpretatie van deze partituur te komen, dan zou dat verklaren waarom zoveel van zijn collega’s dit boek gesloten houden. Of ze zijn het gewoon niet met me eens.
Dit meesterwerk, voor mij absoluut een van de grote symfonieën van de twintigste eeuw, is Gergiev op het lijf geschreven en ik ben heel blij dat we dat weer eens kunnen laten horen.

 

Eelco Beinema is cellist in ons orkest, daarnaast ook schrijver over muziek. Lees zijn bespiegelingen op zijn weblog: www.philharmonischenotities.blogspot.com

 

Dit artikel verscheen eerder in Intrada, het kwartaalblad van het Rotterdams Philharmonisch Orkest

Tekst: Eelco Beinema

Cookies
Wij maken gebruik van cookies. Dit zijn kleine tekstbestandjes die op je computer, tablet of telefoon worden opgeslagen. Hiermee zorgen wij er onder andere voor dat onze website goed werkt en kunnen wij onze content afstemmen op de interesses van onze bezoekers.
Meer informatie over cookies