Even voorstellen: Lola Descours

Ze wil de fagot heel graag bekender maken en droomt van een modern stuk dat voor haar geschreven is. Maar ze houdt ook erg van het orkestrale samenspel, met die internationale levendigheid. Lola Descours: ‘Je verandert veel van rol, van kleur eigenlijk. En daar ben ik gek op.’
Jong geleerd
‘Vanaf mijn zevende ben ik bezig met muziek. Mijn ouders zijn geen musici, maar houden erg van muziek – mijn moeder kun je wel melomaan noemen. Ze namen me altijd mee naar straattheater. Tijdens een festival in Châlons-en-Champagne hoorde ik een jonge vrouw accordeon spelen en raakte gefascineerd. Ze speelde geen chansons of musette, maar klassiek zoals walsen van Chopin. Toen wilde ik ook accordeon leren spelen. Maar daar werd geen les in gegeven, dus werd het piano.’
Keuze voor de fagot
‘Op mijn elfde zong ik in het kinderkoor van Ravels opera L’enfant et lessortilèges. Tijdens de repetities luisterde ik naar instrumenten waarvan ik nog nooit gehoord had. Ik werd verliefd op het geluid van de fagot, wat je er allemaal mee kon doen, en vond ook de vorm van het instrument erg mooi.’
Naar Rotterdam
‘In Frankrijk ligt de nadruk veelal op individueel niveau, in Duitsland en Nederland meer bij het collectief. Omdat jullie dezelfde lutherse cultuur hebben, denk ik. In Nederland zijn de mensen weer wat flexibeler en vrijer dan in Duitsland. Dat is voor mij een goede mix. Met het orkest had ik al een band: na een invalbeurt voor Bram van Sambeek in 2011. Een paar Franse musici kende ik al: Julien Hervé, Juliette Hurel. Ik vond de sfeer meteen heel prettig. Er wordt veel van je gevraagd, maar iedereen is ook heel behulpzaam.’
Het RPhO
‘Ik houd erg van het samenspel, van de levendige sfeer. En het is heel internationaal. Al die talen: zo heerlijk om tijdens de pauze Frans, Engels en Duits te kunnen praten. De mix van nationaliteiten noopt mensen nieuwsgierig en tolerant te zijn. En je pikt het beste uit elkaars cultuur op. Er zijn niet zoveel Fransen in het orkest, maar wel veel Franssprekenden. Als je nieuw bij het orkest komt, is dat fijn, maar ik wil er niet in blijven hangen. Mijn volgende doel is dan ook Nederlands te leren.’
Rol in het orkest
‘De eerste en tweede fagot spelen soms dezelfde partij, maar meestal hebben ze verschillende rollen. De tweede fagot is als de bas van de houtblazers, het ritmische fundament. De eerste mengt met andere instrumenten, zoals de klarinet. Je verandert veel van rol, van kleur eigenlijk. En daar ben ik gek op. Je hebt als eerste fagot niet zoveel solo’s als de fluit of trompet, maar wel heel veel variatie in klank. Die variatie, dat past bij mij.’
In conditie
‘Dagelijks doe ik ademhalings-, rek- en strekoefeningen. Een warming-up: als je fagot speelt is je hele lijf bij het spel betrokken, dat moet op gang komen. Voor mij is het best zwaar: de fagot weegt acht kilo, ik ben fragiel gebouwd. Om een geluid te kunnen produceren, dat echt van binnenuit komt, moet ik helemaal fit zijn.’
Werken met Lahav
‘Hij probeert een persoonlijke band met iedere musicus te krijgen, samen iets op te bouwen. Niet alle dirigenten doen dat. En hij staat open voor commentaar. Hij is heel gepassioneerd en een erg intelligente musicus die zelf ook piano en contrabas speelt, dus zich heel goed kan inleven. Er zijn dirigenten die tijdens een concert precies doen wat ze hebben voorbereid. Maar Lahav volg je in zijn spel.’
Favoriete muziek
‘Als muziek kwalitatief goed is, ken ik geen beperkingen qua stijl. Ik zet soms ook keihard electro op. Ik hou van afwisseling. In het orkest kom ik wat dat betreft volop aan mijn trekken. Elke week veranderen we van programma, alsof ik met componisten meereis: de ene week met Mahler in Wenen, daarna met Tsjaikovski naar Rusland. Voor een fagottist is Russische muziek fijn om te spelen. Dat komt denk ik omdat de diepte en melancholie van de Russische ziel goed samengaan met lage instrumenten als cello en fagot. Los van het instrument zou ik wellicht voor Schubert of Ravel kiezen.’
Ultieme droom
‘Dat een componist voor mij een solowerk schrijft om met het orkest in première te brengen. Een modern stuk, dat zou ik geweldig vinden. Verder wil ik de fagot bekender maken. Zo zijn ze in Frankrijk dol op de cello, maar de fagot kennen ze amper. Die zijn toch neef en nicht. Ik heb daartoe een solo-album gemaakt, Bassoon Steppes. Tijdens festivals in Frankrijk speel ik solostukken met piano, zodat de mensen de fagot goed kunnen horen. Want in het orkest valt hij niet meteen op. Dan krijg ik als reactie: wat een mooi instrument!’
Naam: Lola Descours
Instrument: fagot
Geboren: 1987, Reims
Opleiding: Conservatoire de Paris (CNSMDP), master 2010
Loopbaan: 2007, Orchestre d eParis, 2017, Frankfurter Opern- und Museumsorchester
Bij het Rotterdams Philharmonisch: sinds januari 2022
Privé: heeft een relatie
Tekst: Jolanda van der Ploeg
Dit artikel verscheen eerder in Intrada, november 2022 - januari 2023 nr. 2.